Home > Nieuws & Agenda > Nieuwsarchief > 2011 > Klimaatverandering heeft grote invloed op groei koudwaterkoralen
Nieuwsarchief
03-11-2011

Klimaatverandering heeft grote invloed op groei koudwaterkoralen

Koudwaterkoralen vormen diep in de oceaan koraalheuvels.


Onderzoek van Cees van der Land van het Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek (NIOZ) laat zien dat deze koraalheuvels tijdens ijstijden niet aangroeien maar alleen afslijten. Na afloop van de laatste ijstijd, vanaf ongeveer 11.000 jaar geleden, vond juist een gestage groei plaats. Van der Land bestudeerde koraalheuvels ten westen van Ierland promoveert maandag 7 november aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mounds
Diep in de oceaan, langs de continentale randen waar geen zonlicht komt, bevinden zich heuvelachtige structuren, opgebouwd door koudwaterkoralen. Deze structuren worden ‘mounds’ genoemd en kunnen tot wel 380 meter hoog worden en kilometers lang zijn. Van der Land deed de afgelopen vijf jaar onderzoek naar de ontwikkeling van mounds op de zuidoostelijke en zuidwestelijke rand van de Rockall Trough, in de Atlantische Oceaan ten westen van Ierland.

Groei in warme perioden
Door sedimentkernen van de toppen van de mounds te analyseren kon Van der Land bepalen wat de invloed van verschillende factoren is op de aangroei of erosie van een mound. Zo blijkt dat de koudwaterkoralen in koude tijden (ijstijden) niet aangroeien, maar alleen afslijten. Sinds de meest recente ijskappen ongeveer elfduizend jaar geleden gesmolten zijn is er echter een continue aangroei van de koraalheuvels. Koudwater¬koralen lijken dus vooral in warme perioden goed te groeien.
Andere factoren die hierbij een rol spelen zijn de aanwezigheid van voedsel, en de sterkte en intensiteit van oceaanstromingen op en rond de mounds. Door deze oceaanstromingen worden meer of minder voedsel en slibdeeltjes aangevoerd.

Koraaldeeltjes vangen sedimentdeeltjes
Verder blijkt dat de koraaltakken sedimentdeeltjes ‘invangen’ binnen de skeletstructuur van het koraal, waardoor de heuvel sneller kan groeien. De hoeveelheid en de samenstelling van deze deeltjes bepaalt voor een groot deel hoe snel de mound groeit.
Omzettingen onder het oppervlak van de mound zorgen voor oplossing van het koraal en verstening van de sedimenten. Hierdoor ontstaat een hard substraat dat weer als ondergrond gebruikt kan worden voor nieuwe koraalgroei. De aanwezigheid van verharde lagen zorgt ervoor dat de mound minder snel afslijt door oceaanstromingen.

© Copyright Vrije Universiteit Amsterdam

spamfuik@vu.nl